Woensdag 14 augustus

Gedachtenis van de heilige priester en martelaar van de liefde, Maximilian Kolbe. In 1941 koos hij er in het concentratiekamp van Auschwitz voor om te sterven om het leven van een andere man te redden.

Dt 34, 1-12. De dood van Mozes

1Toen ging Mozes vanuit de vlakte van Moab de berg Nebo op, naar de top van de Pisga, recht tegenover Jericho. En de heerliet hem het hele land zien: Gilead tot aan Dan, 2 heel Naftali, het gebied van Efraïm en Manasse, het gebied van Juda tot aan de zee in het westen, 3 de Negeb, de Jordaanstreek, de vlakte van Jericho, de palmenstad, tot Soar toe. 4 Toen zei deheer tegen hem: ‘Dat is nu het land dat Ik aan Abraham, Isaak en Jakob onder ede beloofd heb en waarvan Ik heb gezegd: aan uw nakomelingen zal Ik het geven. Ik heb het u met eigen ogen laten zien, ofschoon u de overtocht daarheen niet zult meemaken.’ 5 Daar in Moab stierf Mozes, de dienaar van de heer, zoals deze dat gezegd had. 6 Hij werd begraven in het dal bij Bet-Peor in Moab; tot vandaag toe weet niemand waar zijn graf ligt. 7 Mozes was honderdtwintig jaar toen hij stierf; zijn ogen waren niet verzwakt en zijn krachten niet afgenomen. 8 In de vlakte van Moab treurden de Israëlieten dertig dagen om Mozes, totdat de rouwtijd voorbij was. 9 Jozua, zoon van Nun, was vervuld van de geest van wijsheid, sinds Mozes zijn handen op hem had gelegd, en de Israëlieten gehoorzaamden hem en deden wat de heeraan Mozes had opgedragen. 10 Er is in Israël nooit meer een profeet opgetreden als Mozes, die de heer van aangezicht tot aangezicht gekend heeft 11 en die, door de heer gezonden, in Egypte bij de farao, bij zijn hovelingen en bij heel zijn land al die tekenen en wonderen deed 12 en met grote macht voor de ogen van Israël indrukwekkende daden verrichtte.

Pas nadat Mozes het volk heeft toegesproken en zijn rol heeft doorgegeven aan zijn opvolger, toont God hem het land waar hij van droomde. Het is niet omdat iets niet van jou is, omdat je het niet kan aanraken, omdat je het niet concreet kan beleven, dat je er niet van kan genieten of dat je niet gevonden hebt waarin je geloofde en dat nu eindelijk werkelijkheid is geworden. Iets bezitten betekent niet noodzakelijk dat je het kan grijpen en behouden. Vele ontgoochelingen ontstaan uit de hoogmoed die je doet denken dat alles van jou is en dat datgene waarover je geen controle hebt niet nuttig is. Zo verhinderen wij vaak dat de hoop werkelijkheid wordt en genieten wij niet van wat we hebben. Mozes ging op de berg Nebo en daar toonde de Heer hem heel het land. De Heer wil Mozes geruststellen dat zijn hoop en de vruchten van zijn tocht niet verloren zijn gegaan, ook al zal hij ze zelf niet bezitten. God belooft datgene waarnaar de mens op zoek is: toekomst, een nageslacht, iets wat je eigen grenzen overstijgt! Het is geen toeval dat Deuteronomium vertelt dat zijn ogen ondanks zijn leeftijd niet uitgedoofd waren en dat zijn krachten niet waren afgenomen. Jozua zet zijn werk verder, omdat Mozes hem de handen had opgelegd. Wie alles voor zichzelf wil bewaren, verliest het en onthoudt het ook aan anderen. Het boek vermeldt ook dat er in Israël geen profeet meer is opgetreden als Mozes, met wie de Heer van aangezicht tot aangezicht sprak. En toch bleef niets van hem bewaard, zelfs zijn graf niet. Net omdat hij zich tot het einde toe beschouwde als een nederige dienaar van God. Daarom blijven de vruchten bewaard. De Heer vraagt ons om Hem te volgen en bereid te zijn sommige dingen aan anderen over te laten, ook al lijkt ons dat menselijk gezien weinig of ontgoochelend: het is het ware antwoord op de vraag naar eeuwigheid en volheid die in ons leven vervat zit.

Gebed met de heiligen

Advertenties