Dinsdag 14 mei

Feest van de heilige apostel Mattias, apostel.

Hnd 1, 15-17.20-26. Verkiezing van Mattias

20 Want in het Boek van de Psalmen staat geschreven: 
Zijn landgoed moet worden tot een eenzaam oord, 
en niemand mag er wonen; 
en ook: 
Iemand anders moet zijn ambt overnemen. 
21 Daarom moet er van de mannen die steeds met ons zijn opgetrokken, al die tijd dat de Heer Jezus onder ons verkeerde, 22 vanaf het begin, vanaf de doop van Johannes, tot de dag waarop Hij van ons is weggenomen, van hen dus moet er één samen met ons getuige worden van zijn opstanding.’ 23 Ze stelden er twee voor: Jozef Barsabbas, bijgenaamd Justus, en Mattias. 24 Ze spraken dit gebed uit: ‘Heer, U die het hart van alle mensen kent, wijs aan wie van deze twee U hebt uitgekozen 25 om in ons apostolisch werk de plaats in te nemen die Judas heeft verlaten om zijn eigen weg te gaan.’ 26 Daarop lieten ze hen loten, en het lot viel op Mattias, en zo werd hij aan de elf apostelen toegevoegd.

Vandaag gedenken we de apostel Mattias. Hij werd gekozen om het aantal van de twaalf te herstellen, overeenkomstig met het aantal van de stammen van Israël, dat wil zeggen het gehele uitverkoren volk. Dat aantal drukt de bezorgdheid uit voor de volledigheid en de universaliteit van de redding. Deze roeping tot universaliteit mocht niet worden afgezwakt of opgegeven. Het verraad van Judas kon de gerichtheid op de universaliteit van het evangelie niet blokkeren. Voor Jezus hebben alle mensen van elk volk en van elk land het recht om de aankondiging van de redding te ontvangen. Iedereen, niemand uitgesloten. En de kerk heeft de plicht om die aankondiging aan iedereen tot aan de uiteinden van de aarde te communiceren. Er moest een twaalfde apostel gekozen worden: geen volk, geen land, geen persoon valt buiten de liefde en de bezorgdheid van de kerk. Aan allen moet het evangelie worden meegedeeld. De universele geest van Jezus is een integraal onderdeel van het christelijk geloof. Het was natuurlijk geen kwestie van gelijk wie te verkiezen. Onmiddellijk wordt het criterium vastgesteld: de gekozene moet met Jezus geleefd hebben, naar Hem geluisterd hebben, Hem gezien en aangeraakt hebben, zijn volgeling zijn, kortom, hij moet een echte getuige zijn. De traditie stelt dat Mattias een van de zeventig leerlingen van Jezus was. In het voorwoord van de Ambrosiaanse liturgie wordt gezongen: “Om het aantal apostelen te bereiken, heb U met een bijzondere blik van liefde naar Mattias gekeken, ingewijd in de navolging en de geheimen van uw Christus. Zijn stem voegde zich bij die van de andere elf getuigen van de Heer en bracht aan de wereld de verkondiging dat Jezus van Nazaret echt is opgestaan en dat Hij voor de mensen het koninkrijk der hemelen heeft geopend”. Mattias kunnen we lezen als de naam van de leerling van elke tijd. Iedereen aan wie de zorg voor de gemeenschap is toevertrouwd, wordt gevraagd om eerst zelf het evangelie te beleven, en zelf de universele dimensie van de redding te ervaren. Want alleen wie luistert naar het woord van God en het in praktijk brengt, kan het aan anderen communiceren. De keuze van Matthias als de twaalfde suggereert dat ieder van ons het evangelie in zijn hart kan aannemen en getuige kan zijn van Jezus, in het besef dat hij deel uitmaakt van een groot volk, dat van de twaalf, dat verspreid is over alle delen van de aarde. We mogen nooit vergeten dat God niet individueel redt – ook geen afzonderlijk  groep – maar al zijn kinderen verzamelt in één volk dat bestaat uit gelovigen van elke generatie.

Gebed van de twaalf apostelen

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s