Donderdag 10 januari

1 Joh 4, 19 – 5, 4. Wie God liefheeft, moet ook zijn broeder liefhebben

Wij hebben lief, omdat Hij ons het eerst heeft liefgehad. 20 Maar als iemand zegt dat hij God liefheeft, terwijl hij zijn broeder haat, is hij een leugenaar. Want als hij zijn broeder, die hij ziet, niet liefheeft, kan hij God niet liefhebben, die hij nooit heeft gezien. 21 Dit gebod hebben wij dan ook van Hem gekregen: wie God liefheeft, moet ook zijn broeder liefhebben. Onderscheiding der geesten
24 Geliefden, vertrouw niet elke geest. Onderzoek de geesten, om te zien of ze wel van God komen, want onder hen die tot de wereld zijn uitgegaan zijn veel valse profeten. Hoe weten wij dat we de kinderen van God liefhebben? Er is maar één bewijs: dat we God liefhebben en ons houden aan zijn geboden. 3 God liefhebben wil zeggen zijn geboden onderhouden, en zijn geboden zijn niet moeilijk te onderhouden, 4 want ieder die uit God geboren is, overwint de wereld. En het wapen waarmee wij de wereld overwinnen, is geen ander dan ons geloof.

In de vrijmoedigheid waarmee de apostel zegt dat de liefde van de christenen volmaakt is, schuilt de originaliteit van de evangelische liefde, die geen werk van mensen, maar de liefde van God zelf is. Het is een liefde die de gelovige verbindt met God en met onze broers en zussen, op een onverbreekbare wijze. De christelijke liefde brengt een wisselwerking tussen de band met God en de band met onze broers en zussen tot stand. Dit is het “in ons blijven” van God. Jezus zelf is hiervan het voorbeeld: “omdat wij in deze wereld leven zoals Jezus”. Het is een uitspraak die ons de woorden van Paulus herinnert: “Ikzelf leef niet meer, Christus leeft in mij”. De volmaakte liefde van de christenen is niet het werk van mensen. Het is een gave die we van boven ontvangen, een gave die wij niet mogen beperken of inperken, maar die we in al haar bevrijdende kracht moeten laten werken. Opnieuw benadrukt de apostel dat wij kunnen liefhebben omdat God ons eerst heeft liefgehad. Het is nooit, zoals alle bladzijden van de Schrift ons vertellen, een abstracte en lege liefde. Het is een liefde die altijd wordt gerealiseerd in het liefhebben van mensen, te beginnen bij de zwaksten. Als dit de liefde van God is, kunnen we niet beweren dat we God liefhebben als we niet van onze broers en zussen houden. Alleen een leugenaar kan dit beweren. De woorden van de apostel zijn duidelijk: “Aals hij zijn broeder, die hij ziet, niet liefheeft, kan hij God niet liefhebben, die hij nooit heeft gezien”. De liefde voor God is niet te scheiden van de liefde voor de mens. De hele Schrift is doordrongen van deze overtuiging, die in Jezus haar hoogtepunt vindt. Jezus verbreedt haar zelfs nog: we moeten niet alleen degenen liefhebben die van ons houden, maar zelfs onze eigen vijanden. Zo wordt de liefde volmaakt.

Gebed voor de kerk

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s