Dinsdag 8 januari

1 Joh 4, 7-10. God is liefde

Geliefden, laten wij elkaar liefhebben, want de liefde komt van God. Iedereen die liefheeft is uit God geboren, en kent God. 8 De mens zonder liefde kent God niet, want God is liefde. 9 En de liefde die God is, is onder ons verschenen doordat Hij zijn enige Zoon in de wereld gezonden heeft, om ons door Hem het leven te brengen. 10 Hierin bestaat de liefde: niet wij hebben God liefgehad, maar Hij heeft ons liefgehad, en Hij heeft zijn Zoon gezonden om onze zonden uit te wissen.

Johannes roept op: “Laten wij elkaar liefhebben”. In een paar verzen herhaalt hij het drie keer. Hij noemt ook de reden: “want de liefde komt van God”. En zelfs: “Iedereen die liefheeft is uit God geboren, en kent God”. Daartegenover staat echter: “De mens zonder liefde kent God niet”. Met een uitspraak die verder nergens in de Bijbel gebruikt wordt, omschrijft Johannes het mysterie van God: “God is liefde”. De heilige Augustinus zegt hierover: “Indien er in de rest van deze brief of van de Schrift niets meer over de liefde stond dan alleen dit woord van de heilige Geest ‘God is liefde’, dan hoefden we niet verder te zoeken”. Het is geen abstracte uitspraak, hoe verheven deze woorden ook zijn. Voor Johannes begint deze uitspraak bij het handelen van God met mensen in de geschiedenis, en vindt ze haar hoogtepunt in Jezus Christus. Met de woorden “God is liefde” geeft Johannes een samenvatting van de hele heilsgeschiedenis: dat God voor zijn volk kiest, het vergeeft en trouw blijft ondanks hun ontrouw. In Jezus Christus bereikt deze liefde haar doel, tot aan de uiterste grenzen van de gave van zijn eigen leven voor de redding van de mensen. Hierom schrijft hij: “En de liefde die God is, is onder ons verschenen doordat Hij zijn enige Zoon in de wereld gezonden heeft, om ons door Hem het leven te brengen”. Laten we de hartstocht proberen te begrijpen waarmee de apostel het hart en de gedachten van de gelovigen wil overtuigen. Hij schrijft: “Geliefden, als God ons zo heeft liefgehad, moeten ook wij elkaar liefhebben” (11). De liefde waar Johannes over spreekt, is de liefde die hij heeft gezien in Jezus. Deze liefde kunnen we alleen begrijpen omdat God ze geopenbaard heeft. Johannes dringt erop aan bij de leerlingen: “Hierin bestaat de liefde: niet wij hebben God liefgehad, maar Hij heeft ons liefgehad, en Hij heeft zijn Zoon gezonden om onze zonden uit te wissen”. De liefde die is uitgestort in het hart van de leerlingen is geen sentimentele romantiek. Het is de liefde van God zelf. Wie niet liefheeft, is ver van God en kent Hem niet, omdat God liefde is. Maar wie de liefde ontvangt, blijft in God en kent Hem ten diepste.

Gebed met Maria, moeder van God

Advertenties